02. Voorbeeldprojecten

Ben je benieuwd hoe alternatieven voor reguliere laadpalen in de praktijk uitpakken? Hieronder vind je voorbeeldprojecten, inclusief do’s en don’ts die inzicht geven in kansen en knelpunten. Een groot deel van de projecten is door gemeenten geïnitieerd, maar er zijn ook voorbeelden van publiek-private initiatieven.

Ben jij betrokken bij een alternatief voor reguliere laadpalen en wil je jouw inzichten delen? Laat het ons weten op info@nklnederland.nl.

Anders vormgeven en inpassen



Projectgegevens

Locatie: Tilburg
Meer informatie: michiel.de.voogd@tilburg.nl

De gemeente Tilburg heeft op vier verschillende plekken in de stad een laadlichtmast geplaatst. Het gaat om een Ecopole. Dit is een laadpaal gecombineerd met een lichtmast, waarbij beide netaansluitingen zijn geïntegreerd in het object.

De Ecopole vervangt bestaande lichtmasten, zodat er geen extra objecten in de openbare ruimte nodig zijn. Omdat de CPO deze laadlichtmasten nog niet standaard in het pakket heeft zitten, heeft de gemeente Tilburg ervoor gekozen om de laadlichtmasten zelf aan te kopen. De gemeente heeft bij dit project samengewerkt met Allego.

De plaatsing van de Ecopole heeft niet tot bezwaren geleid vanuit de bewoners omdat deze erg goed past in de openbare ruimte.

Do’s
Zorg voor een goede afstemming binnen de organisatie en met verschillende betrokken aannemers. Er is meer afstemming nodig dan bij een reguliere laadpaal.

Projectgegevens
Locatie: Den Haag
Looptijd: 2016-2018
Meer informatie: denhaagelektrisch@denhaag.nl

Een pilot voor laadlichtmasten; enerzijds vanwege de behoefte om in de openbare ruimte meer objecten te combineren, anderzijds om alvast te experimenteren met de nieuwe technologieën die mogelijk een plek krijgen in de slimme stad van morgen. Hoofdvraag was wat er te leren is van het plaatsen van gecombineerde objecten. Daarbij horen ook de eerste ervaringen met betrekking tot het beheer, hosting en onderhoud. Er zijn in totaal vier laadlichtmasten geplaatst door twee leveranciers.

Do’s
De wereld van laadpalen is een andere dan die van lichtmasten. De wijze van funderen, van plaatsen (in grotere series of apart), de aansluiting op het stroomnet, het beheer en onderhoud en lichtbeeld moeten allemaal op elkaar worden afgestemd. Daarom is het belangrijk om al in een vroeg stadium met betrokken partijen af te stemmen.
Hoewel er meerdere disciplines betrokken zijn bij een laadlichtmast, is het aan te raden beheer en onderhoud bij één partij neer te leggen. Dit voorkomt onduidelijkheid over het gastgebruik.

Don’ts
Denk niet te makkelijk over de integratie van de verschillende disciplines.

Projectgegevens
Locatie: Arnhem
Looptijd: 2017-2018

In de gemeente Arnhem, op Veld 3 van de wijk Schuytgraaf worden duurzame woningen ontwikkeld. De gemeente wil ook de openbare ruimte slim en duurzaam inrichten door lichtmasten en oplaadpunten te combineren. Een marktpartij plaatst de combimasten.

De marktpartijen dragen de verantwoordelijkheid voor de ontwikkeling van de licht- en laadoplossing, de realisatie, de exploitatie van de laadpunten, de dienstverlening, het beheer en onderhoud en het realiseren van een storingslijn. Het beheer van het openbare verlichtingsnet blijft in handen van de gemeente Arnhem.

Doel is om laadpunten in de nieuwe wijk mooi op te nemen in het straatbeeld. Door de aansluitingen te combineren kunnen in de toekomst ook nog aansluitkosten worden bespaard.

Do's
Probeer het project of de pilot zo eenvoudig mogelijk in te richten. De gemeente Arnhem heeft een eigen lichtnet. Daarom moet er een aparte aansluiting voor de zogenaamde 'laadlantaarn' komen. Het opdelen van de verantwoordelijkheden tussen de verschillende betrokken gemeentelijke afdelingen en betrokken partijen is voorlopig aangemerkt als de meest kansrijke richting.



Projectgegevens
Locatie: Venlo
Looptijd: pilot 2018-2020
Meer informatie: w.stevens@venlo.nl

In mei 2018 is in Venlo de Streetplug officieel in gebruik genomen. Een nieuwe laadoplossing die geïntegreerd is in de stoep en ongeveer twee stoeptegels groot is. Het laadpunt komt omhoog bij gebruik.

De eerste twee openbare Streetplugs zijn geïnstalleerd aan de Prinses Beatrixstraat 17 (Venlo centrum) en de Karel V Laan 19 (Venlo-Oost). Het gaat om een voorlopige proefopstelling om te testen hoe het systeem werkt.

Doel is het creëren van een positief straatbeeld via een veilig geïntegreerd oplaadpunt in de grond dat nauwelijks opvalt. Hierbij is o.a. rekening gehouden met regenwater, overstromingen, obstakels in het trottoir en de elektriciteitsaansluiting. Met een speciale app kun je de Streetplug vinden, aanzetten en de stroom betalen.

Gemeente Venlo startte in 2016 het project waarbij circa 18 laadpaalaanvragers zijn bevraagd. Tijdens de proefperiode komen er maximaal vier Streetplugs.
De eerste laadpunten zijn in de vorm van een pre-serie 2 geleverd en geïnstalleerd. Het startup bedrijf Streetplug levert het product, zorgt voor de installatie en het backoffice-systeem. Het laadpunt wordt aangesloten via de huisaansluiting van de aanvrager van het laadpunt en is publiek toegankelijk.

Tijdens de eerste pilotperiode waren er technische mankementen, die inmiddels ondervangen lijken te zijn. Daarom is de pilot verlengd.

Op beide locaties is ervoor gekozen om geen bebording te plaatsen, omdat de Streetplug juist is bedoeld om minder objecten in de openbare ruimte te hebben. Hoe de laadmogelijkheid dan toch herkenbaar kan zijn, is een vraag die wordt meegenomen bij de verlenging van de pilot.

Do’s

  • Informeer omwonenden goed, juist bij zo’n nieuw fenomeen. Tijdens de pilot bleek dat bewoners niet goed begrepen wat de bedoeling was, en dat leverde weerstand op. De gemeente heeft vervolgens het initiatief genomen om in een bewonersbrief meer uitleg te geven.
  • Zorg voor goede juridische contracten. In de pilot gaat het om een huisaansluiting die publiek toegankelijk is. Dat vraagt om duidelijke juridische afspraken.



Projectgegevens
Locatie: Den Haag
Looptijd: 2018
Meer informatie: rosaura.frey@denhaag.nl

Hoe zorg je in de schaarse openbare ruimte voor voldoende laadpalen, maar ook voor voldoende parkeerplekken die voor iedereen te gebruiken zijn? Gemeente Den Haag heeft daarvoor een pilot uitgevoerd met tien laadpunten in ‘Hagenaartjes’. Dit zijn de paaltjes die bomen beveiligen tegen aanrijdingen.

Bij de paaltjes zijn geen parkeervakken voor elektrische auto’s gereserveerd. De verwachting was dat er altijd wel een parkeerplaats en vrij laadpunt te vinden is. Er is immers een bovengemiddeld aantal laadpunten in de straat beschikbaar. Tijdens de looptijd van de pilot onderzocht de gemeente hoeveel gebruik er werd gemaakt van de laadpunten, of EV-rijders voldoende vrije laadplekken kunnen vinden en wat buurtbewoners en gebruikers van de nieuwe manier van laden en parkeren vinden.

Het aantal laadpunten in dit gedeelte van de straat ging van voorheen 4 reguliere naar 10 laadpunten in Hagenaartjes. In totaal zijn er 49 parkeerplekken in dit straatdeel. In het aangewezen deel bestaat bij 40% van de parkeerplekken de mogelijkheid om met een elektrische auto te laden. Waarbij er daadwerkelijk bij 20% van het totaal van de plekken tegelijkertijd geladen kan worden. Door de laadinfrastructuur in bestaande objecten in de openbare ruimte te plaatsen en doordat kruisen en borden ontbreken, worden geen extra grondstoffen verbruikt. Bestaande objecten worden op een duurzame manier gebruikt en krijgen een dubbel doel, waardoor de laadpunten een minimale impact hebben op de openbare ruimte.

Evaluatie
Uit de evaluatie blijkt dat het technisch mogelijk is om laadpunten in Hagenaartjes te installeren. De businesscase is echter negatief uitgevallen, omdat de aanlegkosten hoger zijn dan bij reguliere laadpunten. Ook worden de Hagenaartjes minder gebruikt dan reguliere laadpunten. EV-rijders geven aan dat ze minder gebruiksvriendelijk zijn, omdat het oplaadpunt laag bij de grond zit en de paaltjes snel vies worden. Zij wijken daarom liever uit naar een regulier laadpunt, als die beschikbaar is.
Omdat de onderzochte oplossing vergelijkbaar is met een laadplein, gaat gemeente Den Haag de opgedane ervaringen gebruiken bij het ontwikkelen van laadpleinen in de stad.

Anders aansluiten

Projectgegevens
Locatie: Amsterdam
Looptijd: 2018-2019
Meer informatie: leontien.van.loo@amsterdam.nl

Bij een pilot in Amsterdam is een openbaar laadpunt aangesloten op de bestaande netaansluiting van een perscontainer, ter hoogte van de Rietwijkerstraat 30. Uit de pilot bleek dat het technisch mogelijk is laadpalen en ondergronds persen op één standaard aansluiting te laten werken. Inmiddels is de technologie om stroom te balanceren zo algemeen dat het geen probleem is de stroomafname van meerdere gebruikers zo te reguleren dat een aansluiting nooit overbelast wordt.

De pilot heeft desondanks geen vervolg gekregen, omdat de structuur van verantwoordelijkheden en belangen dit lastig maakt. De technisch verantwoordelijke voor de performance van de laadpalen wordt bijvoorbeeld afgerekend op downtime, en gecombineerde aansluitingen zijn daarbij een risico.

Het succes van de pilot kan wel kansen bieden voor situaties met één eigenaar achter de meter. Dat gebeurt steeds vaker. Een voorbeeld: in een woning kunnen een inductieplaat en een laadpunt balanceren, om te voorkomen dat er overbelasting optreedt. Hiervoor kan een module in de meterkast worden gebouwd.

Betrokken partijen bij de pilot waren Nuon, Heijmans, EV-Box, Sidcon en gemeente Amsterdam.

Do’s
Begin het traject met het toetsen van technische haalbaarheid in de praktijk op een bestaande locatie. Hierdoor kan zonder groot risico voor alle betrokken partijen een analyse worden gemaakt van de praktische uitdagingen. Ook kan gekeken worden of de proef kans van slagen heeft. Als het lukt de netaansluiting te combineren zonder dat dit voor problemen zorgt bij de perscontainer of het laadobject, kan de locatie operationeel worden gemonitord (functioneren en data).

Bepaal pas in het tweede deel van het traject de vervolgstappen op contractueel, juridisch en administratief vlak. Deze aanpak helpt obstakels bij het opzetten van de pilot bij aanvang van het project voorkomen.

Projectgegevens
Locatie: 's Hertogenbosch
Looptijd: juli 2017 – juli 2018, met daarna voortgaande monitoring
Meer informatie: k.ottenheim@s-hertogenbosch.nl

Slot Haverleij is een bijzondere woonwijk met een compacte opzet. In juni 2017 zijn er vier laadclusters gerealiseerd met elk vier laadpunten. Uniek is dat het aantal laadpunten snel kan uitbreiden als dat nodig is.

Bij de voorbereidingen is namelijk al rekening gehouden met een groeiende laadbehoefte in de toekomst:

  • De gemeente heeft bij aanvang één verkeersbesluit genomen voor 48 parkeervakken;
  • Er is een grotere elektriciteitsaansluiting gerealiseerd;
  • De laadpalen worden slim aangestuurd (smart charging) zodat de beschikbare capaciteit optimaal wordt verdeeld over de ladende auto’s en de belasting van het elektriciteitsnet wordt beperkt;
  • Er is kabelinfrastructuur aangelegd, zodat bij uitbreiding geen graaf-of breekwerk meer nodig is, maar laadpalen ‘ingeprikt’ kunnen worden;
  • Er zijn contractuele afspraken met de CPO gemaakt over het bijplaatsen van laadpalen.

Deze voorbereidingen vergen enige tijd, maar leveren in de toekomst veel tijdswinst op.
De eerste uitbreiding heeft inmiddels plaatsgevonden. Daarvoor waren slechts drie weken nodig. De ambitie is om de volgende uitbreiding binnen twee weken mogelijk te maken.

Deze pilot is een samenwerking tussen gemeente ’s-Hertogenbosch, Enpuls en Allego.

Do’s
Werk samen met de netbeheerder. Door het direct en eenmalig aanleggen van een 3x80A aansluiting per plein, hoeft de netbeheerder bij uitbreiding van het laadcluster niet opnieuw in actie te komen.

Houd rekening met het kostenplaatje. De periodieke netwerkkosten zijn voor een zwaardere aansluiting een stuk hoger, maar bij goed gebruik wordt dit terugverdiend. Op overige investeringen kan door clustering worden bespaard.

Betrek de bewoners. ’s-Hertogenbosch heeft de bewoners van Slot Haverleij intensief betrokken bij het project. Daardoor is er een breed draagvlak, ook onder inwoners zonder elektrische auto. Het verkeersbesluit is afgestemd met de wijk.

Don’ts
Plaats niet meteen bebording. Bij de laadclusters in Slot Haverleij is geen extra bebording geplaatst. Dit omdat zowel bewoners als gemeente wensen dat er zo min mogelijk objecten in de openbare ruimte staan. Nadeel is dat de gemeente hierdoor niet handhavend kan optreden, maar tot nu toe is dat binnen het project ook nog niet nodig geweest. Foutparkeren lijkt mee te vallen. De gemeente is op dit moment bezig om hier meer data over te verzamelen.

Projectgegevens
Locatie: Rotterdam
Looptijd: 2016

Gemeente Rotterdam heeft een pilot uitgevoerd met inductieladen. Daarvoor zijn twee voertuigen, een Nissan Leaf en een Peugeot iOn, omgebouwd om contactloos te kunnen laden. Als de omgebouwde auto boven de inductieplaat wordt gezet, kan het laden direct beginnen.

De auto communiceert via een bluetooth-verbinding met de inductieplaat. Daardoor zijn geen laadpalen en kabels meer nodig. De netaansluiting is in de pilot nog wel in een aparte kast boven de grond geplaatst.

De pilot heeft duidelijk gemaakt dat inductieladen technisch goed haalbaar is. Het belangrijkste leerpunt is echter dat de techniek nog niet ver genoeg is gevorderd om op grotere schaal toe te passen. Inductieladen is wellicht een oplossing voor de verdere toekomst, als ook autonoom rijden verder is ontwikkeld.

Deelnemers aan de pilot: gemeente Rotterdam, ElaadNL, ANWB, HEVO Power, ENGIE, EV-Box en de technische universiteiten Delft en Eindhoven

Do’s
Op dit moment is er nog geen inductieplaat voor de openbare ruimte beschikbaar. Eenvoudige betaalbare inductiesystemen voor de private ruimte kunnen op termijn geschikt gemaakt worden voor de openbare ruimte.

Don’ts
Objecten mogen niet over kabels en leidingen worden geplaatst. Hierdoor moeten kabels en leidingen vaak verplaatst worden om een inductielaadpunt te realiseren.



Projectgegevens

Locatie: Duivendrecht
Looptijd: zomer 2019 - einde 2020
Meer informatie: j.dejong@mrae.nl

In Duivendrecht komt een slim laadplein voor logistieke voertuigen met acht laadpunten op regulier vermogen, één snellader met een vermogen van 150 kW en een batterijenpakket voor energie-opslag. Het laadplein faciliteert het laden voor logistieke dienstverleners, en is een belangrijke testcase voor de ontwikkeling van elektrische stadsdistributie.

De reguliere laadpunten staan op privaat terrein, maar zijn publiek toegankelijk. De snellader staat in de openbare ruimte. Provincie Noord-Holland, gemeente Ouder-Amstel en logistiek dienstverlener Deudekom werken samen om dit project te realiseren. Initiatiefnemer van dit project is MRA-Elektrisch (MRA-E). MRA-E is verantwoordelijk voor de projectleiding, organiseert onafhankelijk advies en zorgt ervoor dat de elektrische vloot en de laadinfrastructuur goed op elkaar zijn afgestemd. Via MRA-E komt de opgedane kennis en ervaring direct ten goede aan initiatieven elders.

Op deze locatie liggen al middenspanningskabels, waardoor het mogelijk is om hogere vermogens af te nemen. Maar de druk op het netwerk wordt groot, als de laadpalen én de snellader tegelijk intensief zullen worden gebruikt. Daarom komt er een batterijenpakket voor energieopslag. Zo kan altijd direct op vol vermogen worden geladen, als dat nodig is. De batterijen kunnen dan weer worden opgeladen als de druk minder groot is. Dit zorgt voor een evenwichtige belasting van het netwerk. Het laadplein wordt bovendien zo ingericht, dat het in de toekomst geschikt is voor het terugleveren van energie aan het elektriciteitsnet.

Meer informatie over het project

Do’s

  • Begin met de markt. Breng eerst goed de behoefte in beeld, voordat je als gemeente stappen gaat zetten. Ga allereerst in gesprek met bedrijven die zelf al bezig zijn met elektrificatie, of die gemotiveerd zijn om van start te gaan.
  • Denk goed na over de scope van het project. Het lijkt logisch om alle componenten als één project op de markt uitzetten, maar elke partij heeft z’n eigen specialisme. Daarom heeft MRA-E het project in tweeën gesplitst: de acht laadpalen aan de ene kant, de snellader en batterijenpakket aan de andere kant. Dat maakt de begeleiding lastiger, want je moet goed op de afstemming letten. Maar voor de aanbesteding bleek dit veel makkelijker.
  • Zoek samenwerking binnen de regio. Al is het maar omdat de kosten van reguliere laadpalen binnen een grotere concessie omlaaggaan.
Ander gebruik



Projectgegevens
Locatie: Nijmegen
Looptijd: afgerond 2020
Meer informatie: bjorn@ecotap.nl

In Nijmegen zijn twee multifunctionele laadsystemen geplaatst. Het hoofddoel is om schepen te voorzien van walstroom. Gemeente Nijmegen wil de scheepvaart daarmee motiveren tot een duurzaam verblijf in de stad.

Walstroom geeft minder vervuiling, minder geluidsoverlast en minder trillingen dan het gebruik van een dieselgenerator aan boord. Tegelijkertijd doen de laadsystemen dienst als lantaarnpaal, bewakingscamera en fijnstofdetector. Daarnaast is een van de systemen ook te gebruiken als reguliere laadpaal voor auto of bestelbus. Het project is een publiek-private samenwerking. Het laadsysteem is ontwikkeld en gerealiseerd door Ecotap, in opdracht van gemeente Nijmegen, met een financiële bijdrage vanuit de EU. De realisatie duurde ongeveer een halfjaar; dat is inclusief de afgraving voor de bekabeling, bestellen van onderdelen en inrichten van de software.

Do’s

  • Realiseer je dat de behoefte aan walstroom er nu al is. De meeste binnenvaartschepen hebben al een stekkeraansluiting die daarvoor geschikt is. Vanaf 2030 is walstroom vanuit de EU verplicht.
  • Ontwikkel de stopcontacten voor schepen zo, dat ze makkelijk aangepast kunnen worden. Er zijn, anders dan bij auto’s, nog geen stekkerstandaarden voor de binnenvaart.
  • Kies zo mogelijk voor locaties waar al een zware netaansluiting is. Dit scheelt veel geld en tijd. De twee laadsystemen in Nijmegen hebben ieder een stroomsterkte van 125 ampère, met een AC-aansluiting. De schepen die hier overnachten, hebben hieraan voldoende voor de eigen stroomvoorziening. Als een locatie wordt ingericht zodat elektrische binnenvaartschepen ook hun accu’s kunnen opladen, zou een hogere stroomsterkte met een DC-aansluiting nodig zijn.
  • Eis bij aanbestedingen om flexibiliteit. In ieder geval is er flexibiliteit nodig in stekkeraansluitingen, zolang er geen standaard is. Daarnaast is het goed als laadsystemen makkelijk verplaatsbaar zijn.

Don’ts

  • Blijf niet denken vanuit één dossier of één domein. Met een laadpunt dat zowel voor schepen als auto’s geschikt is, sla je twee vliegen in één klap.

Projectgegevens
Locatie: Utrecht
Looptijd: Gestart begin 2021, 1,5 jaar
Meer informatie: matthijs.kok@utrecht.nl

In Utrecht is een laadpaal op een bouwplaats in gebruik genomen als aggregaat. Er worden rioolwerkzaamheden uitgevoerd en de laadpaal voorziet de bemalingspompen van stroom. Hierdoor is geen aggregaat op diesel meer nodig.

De laadpaal was al aanwezig op het terrein. Om de stroom af te kunnen nemen, is een verloopkabel nodig tussen paal en pomp. Daarna is het een kwestie van inpluggen en de laadsessie starten met een laadpas. Bewoners ervaren minder overlast omdat er geen aggregaat meer ronkt, voor de aannemer is het gebruik eenvoudig en kostenbesparend, en er is minder luchtvervuiling. Het gebruik is tot stand gekomen in samenwerking met de Charge Point Operator (CPO).

Do’s
Overleg in een vroeg stadium met de CPO over deze manier om de laadpaal te gebruiken. Vanwege de gegarandeerde en continue stroomafname zullen de meeste CPO’s voor dit gebruik openstaan, maar sommige CPO’s hebben dit gebruik in hun voorwaarden uitgesloten.
Het gebruik van laadpalen als aggregaat is maatwerk. Beoordeel dus samen met de aannemer de situatie. Voor werktuigen waarbij continue stroomvoorziening op laag vermogen nodig is, zoals bij bemalingspompen, werkt het uitstekend.
Als je het gebruik van laadpalen als aggregaat wilt opnemen in beleid, is het goed om daar meerdere gemeentelijke afdelingen bij te betrekken. Denk aan de afdelingen mobiliteit, duurzaamheid en stadswerken.

Don’ts
Op dit moment zijn er nog geen vergrendelde verloopkabels beschikbaar. De kabel kan dus makkelijk worden losgekoppeld van de laadpaal. Het gebruik van laadpalen met een niet- vergrendelde krachtstoomkoppeling is buiten het bouwterrein in de openbare ruimte niet toegestaan.

Anders reserveren en parkeren



Projectgegevens

Locatie: Delft
Looptijd: 2017-2018
Meer informatie: bob.elders@d-incert.nl

Studenten van verschillende universiteiten onderzochten in opdracht van Dutch-INCERT (Dutch Innovation Centre for Electric Road Transport) een oplossing die het efficiënt gebruik van parkeerplaatsen, beschikbaarheid en bezettingsgraad van laadpunten voor elektrisch vervoer maximaliseert.

De toewijzing/ verdeling van parkeerplekken voor elektrische en niet-elektrische voertuigen moeten worden geoptimaliseerd en onnodige berzetting moet worden aangepakt.

Het resultaat: een hub-ontwerp met een centrale console en dynamische parkeerverdeling. Op basis van beschikbare laadcapaciteit wordt door het systeem bepaald of parkeervakken gereserveerd blijven voor EV's of beschikbaar worden gesteld aan niet-EV's. Op deze manier wordt het spanningsveld tussen EV-rijders en andere automobilisten verkleind.

Do’s

  1. Druk de laadstatus in kilometers uit en niet in batterijpercentage. Dit is logischer voor gebruikers en het voorkomt dat er onnodig veel geladen wordt.
  2. Motiveer gebruikers een vertrektijd in te laten vullen door direct invloed op de prijs te tonen.
  3. Verstrek heldere informatie over de vorm van laden: snel of langzaam en voor welk tarief.

Don’ts

  1. Vraag geen exacte vertrektijd. Het is voor gebruikers niet mogelijk om dit aan te geven. TIp: gebruik tijdsvakken gekoppeld aan een activiteit: boodschappen/ werkdag/ halve werkdag...